Vroeger geloofde ik dat dromen echt bedrog waren. Voor mijn gevoel gebeurde er namelijk helemaal niks met mijn dromen. Ik heb gesmeekt soms zelfs geschreeuwd: “Wanneer ben ik aan de beurt? Wanneer is er tijd voor mij?” Toch heb ik altijd ergens ook wel weer geloofd dat mijn tijd zou komen. En die tijd is daar nu dus voor mij. Het is tijd om te ontvangen. 
Het maakt het mede daarom zo bijzonder voor mij om te mogen ervaren dat ik mensen zie, hoor en spreek waar ik jaren om heb gevraagd en op heb gewacht. Mijn dromen komen uit. Eén voor één mag ik ze allemaal uitpakken. 
Na tientallen jaren veilig opgeborgen te hebben gezeten worden mijn dromen waarheid. En dat is wennen. Behoorlijk wennen.

Ik heb ervan genoten om je weer te zien. Het was heerlijk, fijn en ben er stil van. Het duurt niet zo lang voordat ik je weer zie. Ik vind je oprecht een mooie en prettige vrouw waar ik mee om mag gaan. Jij hebt die een stap gezet in mijn leven en de deur staat voor je open. Waar het mij brengt, heb ik geen idee van. De ballen zijn aan het rollen gezet. Ik moet ze alleen nog bij mekaar zien te rapen. Het komt vast goed. Ik heb geduld, heel veel geduld. Ook hiervoor. Die prop in mijn strot verdwijnt langzaam. Maar mijn hart maakt nog steeds honderdduizend toeren.

Mijn verleden kan ik niet veranderen, de toekomst daarentegen dus wel. Daar ben ik nu wel achter. De keuzes die ik nu maak komen recht vanuit mijn hart. Vroeger deed mijn brein veilig en vertrouwd het werk. Dat maakt het anders. 
Het moet zo zijn dat dingen dit jaar voor mij op zijn plek vallen. Dat ook mijn dromen mogen uitkomen. Dat er tijd voor mij is. En dat is wennen, want het gaat sneller dan ik me had kunnen voorstellen.

Ik kijk uit naar de dag dat ik je weer ga zien. Ik heb er zin in. Wie weet is die prop in mijn strot dan wel verdwenen. Ik heb er in ieder geval alvast om gevraagd. Ook die droom komt vast uit. Ik weet het zeker.